Hoe zorgen we dat woningen niet alleen op papier maar ook écht bijna-energieneutraal zijn?

“Prestatiemeting of niet, het komt goed met energieneutraal bouwen”

Volgens Claudia Bouwens, programmaleider Lente-akkoord ZEN, is het zaak dat bijna-energieneutrale gebouwen in de praktijk net zo presteren als op papier. De koper heeft daar recht op, vindt ze. Maar in de huidige bouwpraktijk kunnen grote verschillen ontstaan tussen de beloofde prestatie en de werkelijke prestatie. Ze pleit daarom voor een prestatiemeting na de bouw. Een goed idee, vindt ook Wico Ankersmit, directeur Bouw- en woningtoezicht Nederland, maar in de op handen zijnde Wet kwaliteitsborging ontbreekt zo’n middel. Waarom moet die er toch komen en welke alternatieven resten er als dat niet lukt?

Kan de energieprestatie in de praktijk verschillen met die op papier?

 “Dat kan ja. Als koper van een bijna-energieneutrale woning heb je geen volledige zekerheid dat je woning ook daadwerkelijk BENG is. En dat is jammer want energiekosten kunnen bijvoorbeeld onverwacht hoger uitvallen. Bovendien is het ook onzeker of het hogere doel, CO2-reductie, wordt gehaald. Dat is uiteindelijk de reden dat we BENG-woningen bouwen.”

Hoe ontstaan de verschillen in energieprestatie?

 “Op dit moment controleren wij steekproefsgewijs tijdens de bouw of de aannemer conform bouwvergunning bouwt, dus ook de beloofde energieprestatie. We gaan bijvoorbeeld na of de juiste verwarmingsinstallatie, het ventilatiesysteem en de isolatie aanwezig zijn. Gemiddeld komen we zo’n vier tot vijf keer in een woning, maar we kunnen niet alles checken. Het kan bijvoorbeeld gebeuren dat wij niet zien dat er andere materialen zijn gebruikt dan in de bouwvergunning staan, bijvoorbeeld omdat die niet leverbaar zijn. Bouwfouten en slordigheden zoals een per ongeluk geknepen ventilatieleiding ontdekken we ook niet altijd.”

Moeten jullie dan niet vaker en beter controleren?

“Een aannemer dient in de eerste plaats te bouwen zoals beloofd. Wij controleren dat, maar dit betekent niet dat woningen automatisch volledig conform vergunning zijn gebouwd. Zoals gezegd: we zien niet alles. We kunnen niet op elk moment achter iedere bouwvakker gaan staan om te kijken wat hij doet. Dat zou onwerkbaar en onbetaalbaar worden. Bovendien geeft ook dat geen absolute zekerheid. Woningbouwtoezicht heeft de Eindhovense parkeergarage die is ingestort in 1,5 31 keer geïnspecteerd, en toch ging het mis.”

"We kunnen niet iedere bouwvakker controleren"

Hoe geven we kopers de zekerheid dat hun BENG-woning daadwerkelijk energieneutraal is?

“Door niet de beloofde kwaliteit maar de gepresteerde kwaliteit voorop te stellen. Op dit moment heeft de beloofde kwaliteit, zeg maar wat in de bouwvergunning staat, juridische waarde. De aannemer stopt daar al zijn tijd en geld in. Of een aannemer daadwerkelijk zo bouwt als hij belooft, hangt vervolgens af van zijn eigen verantwoordelijkheid en van de kwaliteit van het toezicht.”

Wat houdt ‘gepresteerde kwaliteit’ concreet in?

“Dat je na de bouw de energieprestatie van de woning meet en kijkt of die overeenkomt met de beloofde prestatie. Concreet betekent dit dat je de verschillende aspecten van de energieprestatie gaat meten zoals luchtdichtheid, de thermische schil en de installaties. Luchtdichtheid kun je meten met een blowerdoortest, koudebruggen in je thermische schil haal je er uit met een warmtescan. Mochten de metingen aantonen dat de energieprestatie lager uitvalt, dan moet worden bekeken hoe die alsnog kan worden gehaald.”

 

Klinkt logisch, maar zo’n praktijkmeting is niet opgenomen in de Wet kwaliteitsborging?

“Inderdaad, zo’n meting was wel voorgesteld. Hij was onderdeel van de wet die het energielabel regelt, maar die is er door de politiek uitgehaald omdat die tot een lastenverzwaring zou leiden voor de koper. De aannemer belast de kosten voor zo’n toets immers door.”

Wat vindt u van de redenering?

“Het is in mijn ogen een vorm van verkeerde zuinigheid. Als belastingbetalers betalen we mee aan de noodzakelijke verduurzaming van de gebouwde omgeving. Daarbij zeggen we dus eigenlijk: ‘We investeren wel in de bouw van energieneutrale woningen maar we hoeven niet te weten of we ons doel daarmee halen.’ Dat is natuurlijk vreemd.”

Zou een praktijkmeting ook optioneel kunnen worden aangeboden door kwaliteitsborgers?

“Absoluut, maar de vraag is of dat gaat gebeuren als de nieuwe wet er komt. Bij een pilot in Voorst heeft een kwaliteitsborger de aannemer drie varianten aangeboden, waarbij in de duurste variant ook een prestatiemeting was opgenomen. Maar de aannemer koos voor een goedkopere variant zonder meting. Hij zag de toegevoegde waarde er niet van in. Dat laat zien dat er een prikkel nodig is, een argument dat aannemers overtuigt om zo’n meting te laten doen.”

"Het energielabel is op dit moment voor kopers geen criterium"

Aan welk argument denkt u?

“Een economische prikkel, want daar zijn mensen het meest gevoelig voor. Het ligt voor de hand om de gepresteerde kwaliteit bijvoorbeeld te koppelen aan het energielabel. Hoe beter de prestatie, hoe hoger het label. Punt is alleen dat het energielabel op dit moment voor kopers geen criterium is. Er zijn maar weinig mensen die zeggen: ‘Ik koop dit prachtige en zeer betaalbare landhuis uit 1900 niet omdat het een label G heeft.’ Aan de andere kant: een energiezuinige woning scheelt wel aanzienlijk in het energieverbruik en dat wordt steeds interessanter naarmate de energieprijzen stijgen.”

Het lijkt er dus niet op dat kopers snel zo’n praktijkmeting laten doen?

“Nee, maar dat hoeft misschien ook niet. Europa wil dat we energieneutraal bouwen voor het klimaat. Om dat doel te halen verplicht de overheid tot het bouwen van BENG-woningen en wordt daar op toegezien, wellicht met behulp van een prestatiemeting. Deze zogeheten geforceerde naleving gaat vanzelf over in spontane naleving, is mijn verwachting. We naderen het moment dat we als samenleving intrinsiek overtuigd zijn van het hogere doel en accepteren dan de regels die daarbij horen.”

Waar baseert u die verwachting op?

“Er zijn talloze voorbeelden maar neem nu de plastic soep-discussie. Er is in de samenleving brede consensus over het feit dat er iets moet veranderen. Daar zijn regels voor: we scheiden plastic afval en betalen 10 cent voor een plastic tas. Ik hoor daar vrijwel niemand over klagen, omdat we inzien dat ze nodig zijn. Bij energieneutraal bouwen zullen we dezelfde ontwikkeling doormaken. Nu stuit een prestatiemeting wellicht nog op weerstand, maar ik ben ervan overtuigd dat we die op een gegeven moment normaal vinden.”

Dus dan komt het toch nog goed met daadwerkelijk bijna-energieneutraal bouwen?

“Ik ben een optimist, dus ik denk het wel ja. We hebben het tij mee. Dat merk ik bijvoorbeeld als mensen mij aanspreken op het dak van mijn woning, daar liggen honderd zonnepanelen op. Dat heeft een flinke investering gevraagd maar ik heb nu geen energiekosten en rijd er mijn elektrische auto van. Als ik daar met mensen over praat worden ze enthousiast. En daar begint het mee.”

Bron: Bouwwereld.nl/ Xella Nederland BV 07-11-2018