Omgevingswet: geen extra uitstel en meer geld voor gemeenten

Tijdens de algemene ledenvergadering op 16 juni 2021 hebben de leden van de VNG zich uitgesproken over de beoogde nieuwe datum voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet en over de stijgende kosten die de wet met zich meebrengt. De motie is met grote meerderheid aangenomen.

Allerlaatste uitstel

De gemeente Moerdijk heeft samen met vijf andere gemeenten deze motie ingediend. De motie bestaat uit twee delen. In het eerste deel van de motie wordt het VNG bestuur opgedragen om alles in het werk te stellen om te zorgen dat de wet echt op 1 juli 2022 in werking kan treden. Daarbij wordt het bestuur gevraagd om duidelijke afspraken met de minister te maken voor de haalbaarheid van de datum.

Financiële compensatie

Het tweede deel van de motie ging over de financiën van de Omgevingswet. De motie vraagt de VNG om alles wat in haar macht ligt te doen om in 2022 een compensatie te krijgen voor de stijgende invoeringskosten. Daarnaast vraagt de motie om op de financiële evaluatiemomenten in 2022, 2023 en 2027 al voorlopige compensatie te krijgen als blijkt dat de terugverdientijd van 10 jaar op die momenten niet haalbaar blijkt.

Haalbaarheid 1 juli 2022

De VNG doet er alles aan doet om de datum van 1 juli 2022 te halen. Met de minister is afgesproken dat de landelijke voorziening van het digitaal stelsel uiterlijk in oktober van dit jaar gereed moet zijn, zodat gemeenten hun laatste aansluitingen kunnen realiseren en processen kunnen inregelen en beproeven. Dit is een voorwaarde voor inwerkingtreding van de wet. Als het onverhoopt niet wordt gehaald, dan zou dat betekenen dat de wet niet in werking kan treden op 1 juli 2022.

Nog geen toezeggingen financiën

De oproep tot compensatie voor de invoeringskosten wordt volledig onderschreven door het bestuur en ligt in lijn met de in 2020 ingediende motie door de gemeente Noordoostpolder. Naar aanleiding van die motie heeft een gemeentelijke consultatie plaatsgevonden op het Integraal Financieel Beeld. Daaruit bleek dat de terugverdientijd van 10 jaar onhaalbaar is. De minister onderschrijft het uitgangspunt dat de Omgevingswet budgetneutraal moet worden ingevoerd, maar kan op dit moment geen toezeggingen doen over tegemoetkoming. Ze heeft toegezegd de claims voor de compensatie van de invoeringskosten door te geleiden naar de onderhandelingstafels voor de rijksbegroting 2022. De claim voor de voor de compensatie van de structurele effecten legt de minister op de formatietafel. De VNG blijft hier vanzelfsprekend aandacht voor vragen.

Meer informatie volgt eind van deze week in een ledenbrief.

Meer informatie

Bron: VNG 17-06-2021

Thema's: Omgevingswet